|
Tips
1
|| Tips 2 ||
Tips
3
Starthulp:
zelf doen of toch maar de
Wegenwacht
inschakelen
Bij
onjuist gebruik van startkabels
kan u veel schade aan de
elektronica van uw auto
toebrengen. Waar moet u op letten
als u zelf de startkabels ter
hand neemt? Hoe gaat de
Wegenwacht te werk met een
intelligente
starthulpinstallatie? Peter
Heemskerk, manager Technische
Helpdesk, legt uit.
U
bent natuurlijk van harte
uitgenodigd om de Wegenwacht in
te schakelen als uw accu even
niet doet wat van hem wordt
verlangd. U kunt het ook zelf,
maar bedenk u dat het niet goed
uitvoeren van een starthulp veel
schade kan veroorzaken aan de
elektronica van uw auto. Juist
daarom zijn
Wegen-wachtautos uitgerust
met een intelligente
starthulpinstallatie. Het
intelligente van de
starthulpinstallatie is dat hij
de hoeveelheid toegediende
energie afstemt op de actuele
conditie van de pechaccu. Pas als
de lege accu voldoende is
bijgeladen wordt automatisch
aangegeven dat de pechauto
gestart kan worden.

Startkabels
benzine
Gaat
u de starthulp toch zelf
uitvoeren, houdt u zich dan aan
de volgende
spelregels:
Bezuinig
niet op de kwaliteit van een set
starthulpkabels. De ANWB-winkels
bieden twee varianten:
één voor lichte en
één voor zware
personenautomotoren.

Startkabels
diesel
Lees
vooraf de handleiding van uw
auto, in veel instructieboekjes
wordt de procedure beschreven en
u ontdekt zo tevens waar de accu
in uw auto is
geplaatst.
Bescherm
uw handen (handschoenen) en uw
kleding tegen zuur en chemische
verontreinigingen in de buurt van
de accu.
Kies
qua grootte een minimaal
gelijkwaardige auto als helpende
auto; een Transit Diesel
opstarten met een Ka als helpende
auto is geen goede combinatie,
andersom kan eventueel wel.
Controleer of beide autos
gelijke boordspanning hebben
(6/12/24 Volt).
Laat
de motor van de helpende auto
gedurende de starthulp draaien om
te voorkomen dat u op een bepaald
moment twee lege accus
heeft.
Sluit
de kabels op de volgende wijze en
in de hierna genoemde volgorde
aan:
Verbind
als eerste de twee pluspolen van
de accus van beide
autos aan elkaar met de
rode kabel.
Sluit
de zwarte kabel aan op de minpool
van de accu van de helpende
auto
Sluit
de andere zwarte klem aan op een
stevig ijzer motoronderdeel van
de pechauto.
Start
de helpende auto.
Om
schade aan elektronica van de
auto te voorkomen gaat u nu als
volgt te werk:
Neem
een eventuele mobiele telefoon,
mobiele DVD-speler of ander
mobiel accessoire los van het
boordnet van de auto.
Zet
een aantal 'zware' elektrische
verbruikers zoals de
kachelventilator,
achterruitverwarming en
ruitenwissers aan.
Start
de pechauto.
Demonteer
de kabels in omgekeerde volgorde
als waarin u ze
monteerde.
Schakel
de verbruikers in de pechauto
weer uit en maak een rit
(stationair laten lopen is niet
voldoende) van minimaal een half
uur om de accu weer op te laten
laden.
Laat
de accu door een specialist of
door uw garage doormeten om te
voorkomen dat het probleem zich
op korte termijn zal herhalen.
Bron:
ANWB
Autolampen
moeilijker zelf te
vervangen
Het
vervangen van autolampen wordt
bij moderne auto's steeds
ingewikkelder. Dat blijkt uit een
onderzoek van de ANWB. De lampjes
zijn tegenwoordig zo
gecompliceerd geplaatst, dat het
bij ruim dertig procent van de
voertuigen niet meer mogelijk is
een lampje snel te vervangen.
De ANWB heeft enkele tips voor u
op een rijtje gezet.
Het
niet of nauwelijs zelf kunnen
vervangen van de autolampen is
een onwenselijke situatie, omdat
automobilisten verplicht zijn om
een defect lampje direct te
vervangen. Op het rijden zonder
verlichting staat een boete van
65 euro. Ook zonder bekeuring zal
een kapot lampje, dat niet door
de bestuurder zelf vervangen kan
worden, tijd en geld kosten. In
toenemende mate moet de
Wegenwacht te hulp schieten bij
deze problemen. Bij vervangen van
het lampje in de garage zal dat
vaak een pittige rekening tot
gevolg hebben.

Bij
de VW Golf IV zijn de koplampen
niet toegankelijk
Teveel
onderdelen
De
ANWB heeft 55 van de best
verkochte modellen in Nederland
bij daglicht onderzocht. Ze
vertegenwoordigen ruim zeventig
procent van de verkochte
personenauto's in 2004. Bij ruim
dertig procent waren de lampen
niet goed te bereiken, vaak door
een gecompliceerde constructie of
omdat er teveel onderdelen
uitgebouwd moeten worden om bij
de lampen te komen.

Bij
de Ford Fiesta moet eerst grille
en koplamp uitgebouwd
worden
Informatie
autofabrikanten
Ook
uit bij de autofabrikanten
opgevraagde informatie blijkt dat
bij een groot deel van de
hedendaagse automodellen een
koplampje niet meer binnen 15
minuten en/of niet met behulp van
het bij de auto geleverde
boordgereedschap te vervangen is.
De ANWB vindt dit een slechte
zaak en is van mening dat vanuit
het oogpunt van veiligheid en
wetgeving een lampje eenvoudig
door de gebruiker zelf vervangen
moet kunnen blijven
worden.
Tips
voor autorijders
Het
is verstandig een set met
reservelampen in de auto te
hebben. Let hierbij op de
toegepaste lampen in uw auto
(bijvoorbeeld H4, H7 of H1).
Zeker bij auto's met niet
algemeen verkrijgbare lampentypen
(bv. HB3 of HB4) is een
reservelamp in de auto eigenlijk
een must. Bij sommige autos
worden voor de (kunststof)
koplampen anti-UV-halogeenlampjes
voorgeschreven en ook deze zijn
niet algemeen verkrijgbaar.
Informatie over het lampentype
van uw auto vindt u in het
instructieboekje of raadpleeg uw
dealer;
Het
stappenplan in het
instructieboekje waarin de
vervanging wordt omschreven moet
nauwgezet gevolgd worden. Helaas
worden bepaalde moeilijkheden (te
weinig ruimte en zicht) niet
altijd duidelijk bij het lezen
van de instructies. Bij
onduidelijkheden of twijfel of de
vervanging zelf kan worden
uitgevoerd is het verstandig een
wegenwacht of garagist te hulp te
roepen;
Werkzaamheden
aan Xenonverlichting mogen
vanwege de hoogspanning van het
systeem (levensgevaar !) alleen
door een vakman worden
uitgevoerd;
Voor
het wisselen van een lamp altijd
de verlichting uitschakelen
(gevaar voor kortsluiting);
Een
lamp altijd vervangen door
één van hetzelfde
type. De aanduidingen (Volt /
Watt) vindt u op de voet van de
lamp of op de glazen kolf;
De
glazen kolf van een halogeenlamp
mag niet met de handen aangeraakt
worden omdat er anders vet
achterblijft dat op de lamp kan
inbranden. Aanraken met de hand
verkort zo de levensduur;
Voorzichtigheid
is geboden omdat Halogeenlampen
onder hoge druk staan
(verwondinggevaar);
Na
het vervangen van een koplamp is
het raadzaam zo spoedig mogelijk
de lichtinstelling te laten
controleren, omdat deze door de
werkzaamheden of een ongunstige
passing in de lampvoet veranderd
kan zijn.
ANWB
aanbevelingen voor
fabrikanten
Bij
autos zonder
xenonverlichting moet het
mogelijk zijn dat een gemiddelde
autogebruiker met behulp van de
bij de auto behorende
instructieboekje zelf langs de
kant van de weg een lampje kan
vervangen;
In
het instructieboekje moet het
toegepaste lamptype en de
handeling om het lampje te
vervangen duidelijk en op
ondubbelzinnige wijze zijn
beschreven en toegelicht met
goede afbeeldingen, zodat in
geval van pech een snelle
lampenvervanging mogelijk is;
Een
lampenvervanging moet zonder
gereedschap kunnen worden
uitgevoerd en in het geval er
toch gereedschap nodig is dient
dit onderdeel te zijn van het
boordgereedschap van de auto;
Bij
auto's met xenonverlichting
moeten in de motorruimte
duidelijke waarschuwingen zijn
aangebracht voor de aanwezige
hoogspanning;
Autos
zouden standaard afgeleverd
moeten worden met zogenaamde
longlife-lampen voor
het dimlicht.
Conclusie
Vastgesteld
is dat bij ruim 30% van de
onderzochte automodellen een
koplampje niet langs de kant van
de weg door de gebruiker zelf te
vervangen is. Dat betekent dat
bij een steeds groter deel van de
huidige personenautos het
vervangen van een koplampje zo
lastig is dat dit niet meer door
een gemiddelde automobilist zelf
kan worden uitgevoerd. De ANWB
vindt dit een slechte
ontwikkeling. Vanuit het oogpunt
van veiligheid en wetgeving moet
een lampje eenvoudig door de
gebruiker zelf te vervangen zijn
en mag dit geen complete
reparatie worden.
Testresultaten
ANWB lampenonderzoek (150 kB)
Bron: ANWB
Motorolie
voor VW en
Seat
Volkswagen
schrijft in de meeste TDi's
(100-130pk) een
0W-30 olie voor met 056.01 norm.
Voor een Seat Leon met 150pk
pompverstuivermotor wordt
daarentegen een 5W-40 met 505.01
norm voorgeschreven. Hierover een
aantal vragen en antwoorden uit
Auto & Motor
TECHNIEK;
1.
Wat is beter 0W30 of 5W-40?
Na uitvoerig testwerk kiest
de fabrikant voor een
bepaalde
olieviscositeit. Daarbij speelt
het brandstofverbruik een
belangrijke rol. Een SAE 0W-30
zal een enkele procenten lagere
CO2 uitstoot geven. De SAE 5W-40
olie met de norm 505.01 is de
olie die tijdens al het
ontwikkelingswerk aan de
pompverstuivermotoren is
gebruikt. Na veel testwerk is het
gelukt een SAE 0W-30 olie
geschikt te maken voor deze motor
(zie ook punt 5). De mechanische
belasting van de
pompverstuiverbediening en de
zuigerpenlagers is namelijk zeer
hoog.
2.
Kan men de olie bij verversen
wisselen van 0W-30 naar 5W-40 of
andersom?
Ja, je kunt bij een VW-motor
naar believen van viscositeit
wisselen. Seat doet niet mee met
de verlengde
onderhouds-intervallen, dus
voldoet alleen een 505.01 olie.
De olie wordt na een jaar of
15.000 km ververst.
3.
Welk oliemerk is volgens de
fabrikant (Seat/VW) het
beste?
Er is geen beter of slechter
merk omdat alle oliën aan
bepaalde VW-normen moeten
voldoen.
4.
Als je de 5W-40 olie mag
vervangen door een 0W-30, wordt
de levensduur dan verlengd van
15.000 km naar 30.000 km?
Longlife oliën mogen
alleen worden toegepast in
motoren die daarvoor geschikt
gemaakt zijn. Bij de VW-, Audi-
en sommige Skoda-motoren is dat
het geval, bij de Seat motoren
niet.
5.
Wat is het verschil tussen een
506.00 en een 506.01?
De 506.00 norm is bedoeld
voor dieselmotoren met velengde
onderhoudsinterval. Aanvankelijk
zou deze norm ook gelden voor de
pompverstuivermotoren, maar dat
bleek technisch niet te gaan.
Vandaar de één jaar
latere 506.01 norm die wel
geschikt is voor de
pompverstuivermotoren met
verlengde onderhoudsinterval.
Vogelpoep
direct verwijderen om schade te
voorkomen
Vogels
hebben lak aan autolak
Vogeldropouts,
in de volksmond gewoon vogelpoep,
is de pest voor autolakken.
Uitwerpselen nestelen zich vooral
bij zonnig, warm weer, in de lak
en vreten zich in. Maar ook
insectenlarven en boomhars missen
hun vernietigende uitwerking
niet. Gevolg doffe plekken en in
het ergste geval serieuze
lakbeschadigingen. Om dit tegen
te gaan is het zaak vogelpoep,
insectenlarven en boomhars direct
van de lak te verwijderen, aldus
deskundigen van de BOVAG.
Hoewel
er sprake is van een nationaal
probleem, schijnen de gevolgen
van de vogelpoep van de
zeemeeuwen langs de kust nog
schrijnender te zijn. Een directe
oorzaak is niet aan te geven,
maar vermoedelijk worden de extra
klachten veroorzaakt door het
dieet van de zeemeeuwen dat
voornamelijk bestaat uit
eiwitrijke vis.
Uit
ervaringen blijkt dat de situatie
ook bij warme dagen verergert.
Vogelpoep op een hete laklaag
wordt er als het ware ingebakken.
Als er regelmatig een buitje
valt, wordt de auto automatisch
wat afgespoeld, hetgeen minder
slecht voor de lak is.
Direct
wassen
Lakbeschadigingen
door vogelpoep vallen niet onder
de lakgarantie van een auto. Het
is dus zaak vogelpoep,
insecten-larven en boomhars
direct te verwijderen. Daar moet
je wel heel veel water voor
gebruiken om de vogelpoep eerst
los te weken. Ga niet direct met
een spons aan de slag, want dan
loopt u de kans dat er allerlei
krassen in de lak komen. Zet de
auto ook regelmatig in de wax,
dat beschermt de lak en geeft de
vogelpoep minder kans om in te
vreten.
Veel
gemakkelijker en ook beter gaat
dit in het autowasbedrijf. Door
de auto regelmatig een
waxbehandeling te geven kan een
carrosseriebescherming worden
gerealiseerd van maar liefst 50%.
Goed
wassen
Om
een zo'n goed mogelijk resultaat
te bereiken van het aanbrengen
van een waxlaag is het zaak dat
de lak van de auto goed is
gereinigd. 'En dat lukt meestal
niet goed op straat voor de
deur', zegt Rein Zwolsman,
voorzitter van de BOVAG afdeling
autowasbedrijven. Het
handmatig wassen is vaak een
lastig en tijdrovend karweitje.
Met alle kans op extra lakschade.
Het wassen met spons en zeem
heeft als nadeel dat door het
aanwezige fijne zand in vooral de
spons - veelal niet direct
zichtbare - krassen op de lak
worden gemaakt. Krasjes die je
vooral bij donkere kleuren
duidelijker ziet.' In een
professioneel autowasbedrijf
wordt de agressieve vogelpoep met
een ruime hoeveelheid
(gerecycled) water voorgeweekt en
schadevrij verwijderd. Snel,
gemakkelijk en met een schone
auto op de koop toe. En kies
daarbij voor een programma met
een extra waxbehandeling. De
bescher-mende waslaag zal ervoor
zorgen dat het effect van nieuwe
aanslagen vanuit de lucht
beduidend minder zal
zijn.
Krassen
onmogelijk
Zwolsman:
'Met mechanisch autowassen
behoren krassen veroorzaakt bij
het schoonmaken tot het verleden.
Per poetsbeurt wordt namelijk
tussen de honderdzeventig en
tweehonderd liter water over de
auto gespoeld. Hierdoor ontstaat
een filmlaag waardoor het krassen
door de snel roterende
wasborstels van de lak onmogelijk
is.'
Toch
lijkt juist dat 'krasprobleem'
veel Nederlandse automobilisten
weg te houden bij een
autowas-bedrijf. Volgens Zwolsman
echter geheel ten onrechte. 'Het
is een fabeltje dat de borstels
van een autowasserette voor
lakbescha-digingen
zorgen.
Bent
u zuiniger geweest op uw
portemonnaie dan op de lak van uw
auto? Het bezoek aan een
autowasbedrijf te lang
uitgesteld? Dan zal, waarschuwt
Zwolsman, de te late wasbeurt de
consequenties pijnlijk zichtbaar
maken. Een intensieve
poets-beurt kan wellicht soelaas
bieden, maar voorkomen blijft een
beter advies!
Nog
een laatste tip: Laat de autowas
vooral niet links liggen als het
regent. Een betere
voorbehandeling kunt u zich niet
wensen!
Bron
www.bovag.nl
Inkscape:
gratis
Vector-tekenprogramma
Klik
hier
Meer
tips
|